Samen sterk

 

Wat heb ik gelachen in het filmhuis te Hoorn.We waren naar de film”Intouchables” geweest. De miljonair Phillipe is aan een rolstoel gekluisterd. Hij woont in een kast van een huis te Parijs. Zijn formele en saaie verzorgers is hij meer dan zat. Op een dag komt de Senegalees Driss voor een bijstandsuitkering bij hem langs. Dat gaat niet zomaar. Om een uitkering te krijgen zal hij moeten solliciteren. Phillipe is getroffen door zijn originele, humoristische en nogal brutale omgangsmanieren. Hij neemt Driss als verzorger in dienst, ondanks afraden van zijn vrienden. Driss zet het hele huishouden op zijn kop. Hij kan Phillipe weer laten lachen. Geleidelijk groeit er een vriendschapsband tussen die twee. Deze film stelt duidelijk standsverschil en gewichtigdoenerij aan de kaak. Doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg, zou menig Westfries kunnen zeggen.

Wat dit betreft is er in vergelijking met vroeger heel wat veranderd. In de Beemster, waar ik mijn jeugd heb doorgebracht hadden boeren, middenstanders en arbeiders elk hun eigen plek op het kerkplein,waar na de hoogmis de nieuwtjes werden uitgewisseld. De kerk zelf deed daar dapper aan mee. Voorin de pachtplaatsen, in het midden en in de zijbeuken de goedkopere plaatsen en achterin de armenbanken zonder rugleuning. Je werd zelfs met standsverschil begraven. Eerste klas: alles zwart en zilver. Tweede klas: gedeeltelijk zwart en koper. Derde klas: bijna geen zwart en daagskoper.

Op het Werenridus ben ik tijdens een les aan een gymnasiumklas eens ontzaggelijk kwaad geworden. In die klas zaten veel kinderen van artsen en uit de betere middenstand. Ook zat er een meisje in, van wie de moeder tot de schoonmaakploeg behoorde. Zij poetste na de lessen de diverse lokalen. Enkele meisjes uit de klas maakten denigrerende opmerkingen naar haar. Toen heb ik met ingehouden woede gesproken over de onmisbaarheid van verschillende mensen. Als niemand mijn lokaal schoon houdt, reparaties verricht, proefwerken afdrukt enz., kan ik onmogelijk goed functioneren.

Het is jammer dat er tegenwoordig zo laatdunkend gedacht en gesproken wordt over het lager beroepsonderwijs. De maatschappij zit te schreeuwen om vakbekwame ambachtslieden. Er is als vakman tegenwoordig ongetwijfeld een goede boterham te verdienen. Uit ervaring weet ik dat een doe-leerling die tegen zijn zin de theoretische kant opgeduwd wordt, zich vaak helemaal niet happy voelt. Via voortgezet beroepsonderwijs en bedrijfsscholen ontpoppen jongeren zich maar al te vaak als vaklui die elke dag van hun werk kunnen genieten.

We hebben elkaar allemaal nodig. Vraag mij niet om een badkamer te installeren. Ik kan beter een preek of artikel in elkaar flansen. Gelukkig zijn we niet allemaal hetzelfde.

 

Week 20 Diaken Kees Koning